Emeritaat

EMERITAAT

Kort na het 2e Vaticaanse Concilie in 1966 kondigde Paus Paulus VI aan, dat Bisschoppen geacht werden vóór hun 75e verjaardag vrijwillig hun ontslag aan te bieden aan de Paus. Als jong theologie student vond ik dat een wijs besluit van de Paus. Verjonging in de leiding van de kerk leek mij hoognodig. Ik vond het ook een goed idee, dat verschillende Bisschoppen het voorbeeld van de Paus volgden en hetzelfde verwachtten van de priesters in dienst van hun Bisdom. Zo hebben we nu ook in ons Aartsbisdom vele priesters, die zogenaamd ‘met emeritaat’ zijn. ‘In ruste’, zo wordt ‘emeritaat’ wel vertaald, hoewel vele van die priesters in emeritaat alles behalve in ruste zijn. Nu vind ik het nog steeds een goed idee, dat functionarissen in de kerk hun ontslag aanbieden met het bereiken van hun 75 jarige leeftijd. Echter, nu ik zelf bijna die leeftijd bereikt heb, heb ik er wel dubbele gevoelens bij. Ik zocht in mijn Vreemde Woordenboek de precieze betekenis van het woord ‘emeritaat’. Daar vond ik het woord ‘uitgediend’ als één van de betekenissen van het Latijnse woord ‘emeritus’. Dat woord, vooral het voorzetsel UIT, stemde mij niet vrolijk. ‘Je bent eruit. Je doet niet meer mee. Je hoort er niet meer bij. Je bent uitgesloten.’ Dat zijn zo maar een paar gedachten, die mij te binnenschieten bij het woordje UIT in dit verband. Zo voelen ouderen zich vaak, denk ik. Dan klinkt het niet meer zo absurd, als ze horen spreken over een ‘voltooid leven’ of een ‘leven niet meer zinvol’. Ik heb zelf ouderen weleens proberen te bemoedigen en te overtuigen, dat hun leven nog zinvol is, zoals ze zijn, hoe ze ook zijn. Hun leven, hoe dan ook, kan veel betekenen voor de gemeenschap en voor hun familie, zolang als ze leven, maar zelfs lang na hun dood. Hoe trots kunnen mensen vaak niet zijn op hun voorouders!
Voor anderen weet ik het wel! Maar hoe zit dat met mezelf? Kinderen en kleinkinderen heb ik niet. Voor wie kan ik nog iets betekenen? Ik ben natuurlijk ook mens, gedoopt kind van God, de Eeuwige. Het Doopsel is voor eeuwig, heilig, een Sacrament. Daar ligt ook voor mij een levenslange roeping en opdracht, net als voor iedere gedoopte. Ik heb nóg een Sacrament ontvangen, dat voor eeuwig is: het Priesterschap. Priester ben ik ook voor eeuwig. Zo werd mij gezegd bij mijn Priesterwijding. Niemand kan het priesterschap van mij afnemen, zoals we ook niet ‘ontdoopt’ kunnen worden. Priester-zijn is voor mij, net als Christen-zijn, ook een levenslange roeping en opdracht. Wat houdt dat in die roeping, die opdracht? De opdracht van een priester hoor ik in de Griekse en in de Latijnse naam voor priester. De naam priester komt van het Griekse woord ‘presbyteros’ en dat betekent ‘oudere’ of ‘ouderling’. Door lange ervaring werden ouderen verondersteld wijs geworden te zijn. Ze hadden veel te vertellen, veel te zeggen, dus veel gezag. De priesterwijding kon opmaken voor tekort in jaren en ervaring. Ondertussen ben ik een presbyter, een oudere, niet alleen door priesterwijding, maar ook in jaren. Ik kan me beroepen op een lange ervaring. Ik ben nog heel bewust opgegroeid in de kerk van vóór het tweede Vaticaanse Concilie, vóór vele veranderingen en vernieuwingen. In het seminarie volgden we de verslagen van het Vaticaanse Concilie op de voet. Tijdens onze theologiestudie waren de Conciliedocumenten onze voornaamste studieboeken. Vervolgens heb ik als missionaris het geloof in de wereldkerk in verschillende landen en culturen beleefd. Toch belangrijke ervaringen in een Katholieke Wereldkerk. Nu ben ik alweer meer dan veertien jaar werkzaam in het pastoraat in eigen land,
terug in de streek waar ik opgroeide. Ook een ingrijpende ervaring. Een schat aan ervaringen dus om uit mee te delen. De tweede naam voor priester is ‘sacerdos’ in het Latijn. Letterlijk zou je dat kunnen vertalen als ‘bedienaar van het heilige’. Een priester is dus geroepen en apart gezet om zuiver en met onverdeeld hart heilige diensten te verlenen, zoals het bedienen van de sacramenten, zegenen, (voor)bidden en de geloofsgemeenschap voorgaan. Ik heb dat altijd beschouwd als een roeping en een opdracht eerder dan een privilege. Die roeping en opdracht blijft, zolang mogelijk en gewenst, zo
nodig ondersteund door medegelovigen, zoals de oude Mozes werd ondersteund door Aaron en Chur, terwijl hij bad voor het strijdende leger. (Ex. 17; 12)
Zo lang gewenst en zover mijn gezondheid het toelaat, met alle nodige steun van medegelovigen, kan ik als priester (sacerdos) heilige diensten blijven verlenen. Als priester (presbyter=oudste) kan ik blijven delen uit mijn lange, rijke schat van ervaringen. Zo heb ik nog veel te vertellen, niet om van alles te regelen en te besturen, maar hopelijk om iets te vertellen dat GOED NIEUWS is, ook voor u.

Anton H.M. Wenker, mhm, pr.
(Pastor Emmanuel Parochie, N.O. Salland)

Comments

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *